April 2026

Ik heb een vriendelijke, pijprokende oom gehad die ooit op het laboratorium van een chocoladefabriek werkzaam was. Daar ik zelf ook als scheikundige actief ben, dwaalden onlangs mijn gedachten wat af, waarbij overpeinzingen over de tijd van het jaar en herinneringen aan mijn oom zich in mijn hoofd vermengden tot een enkele kwestie. Heb je je wel eens afgevraagd wat de relatie is tussen een religieuze feestdag als Pasen en chocolade eitjes? Dat verband lijkt ver te zoeken, maar is het niet.

Pasen is het einde van de vasten, een tijd waarin men zich onthoudt van het eten van vlees of eieren. Een kip heeft daar natuurlijk geen boodschap aan dus ligt er, zeker in vroeger tijden, steevast met Pasen een berg eieren die snel verorberd moet worden voordat ze bederven. Ook wordt wereldse luxe zoals chocolade tijdens de vasten in de kast gehouden, en dat zou dan het chocolade paasei verklaren. Deze redenering ligt zo voor de hand, dat het wel waar moet zijn.

Nu is chocolade eigenlijk een interessant en complex chemisch mengsel. De basis is cacaoboter, een plantaardig vet dat ook wel theobroma-olie genoemd wordt, naar de Latijnse naam Theobroma cacao voor de cacaoboom. Dit vet wordt veelvuldig gebruikt in industrieën als farmacie, cosmetica en voeding, en natuurlijk om er chocolade mee te maken. Het aardige van cacaoboter is dat het al bij lichaamstemperatuur vloeibaar is, waardoor chocolade niet alleen aangenaam in je mond smelt, maar ook in kinderhandjes, wat een lekkere knoeiboel in huis geeft.

Voor het maken van chocolade heb je naast deze boter ook gepoederde cacao en melk nodig, naast een flink pak suiker. Je raadt het al, zonder cacaopoeder blijft het bij witte chocolade. Een beetje cacao maar veel melkpoeder geeft melkchocolade. Pure chocolade bevat veel cacao maar vaak relatief veel suiker, want cacao is nogal bitter. Niet voor niets noemden de Azteken hun verfrissende cacao-drank xocolatl, wat in hun taal zoiets betekende als bitter water. De Spanjaarden brachten dit verkwikkende drankje in de zestiende eeuw als chocolate vanuit Latijns Amerika naar Europa. Tegenwoordig komt de meeste cacao echter uit Afrika.

Niet alleen chemici worden blij van een beker warme chocolade. Dat komt door een aantal stofjes die in cacao voorkomen. Er zit theobromine in wat qua effect op cafeïne lijkt, en het bevat stimulerend fenylethylamine naast opwekkend tryptofaan. Ook het lichaamseigen anandamide zit in cacao, dat het lekkere gevoel geeft dat je ook hebt na lichamelijke oefening en sport. Dit betekent helaas niet dat chocolade eten een goed alternatief zou zijn voor een stevige workout, maar om chocolade-consumptie te vergoelijken kun je altijd nog aanvoeren dat je je innerlijke zelf verzorgt met heilzame flavonoïden.

Dat klinkt allemaal positief, maar je merkt wel dat chocolade behoorlijk wat calorieën geeft en nogal wat verzadigd vet bevat, wat de pret weer een beetje drukt. Zoals met alles wat eigenlijk niet goed voor je is, geniet je beter met mate van die veel te grote chocolade paashaas terwijl je de Matthäus Passion beluistert.

Eén goedbedoeld advies nog ter afsluiting – je trouwe viervoeter kan theobromine niet afbreken en wordt zo ziek als een hond (of kat) van ook maar een beetje chocolade. Nu zal een kat doorgaans de neus ophalen voor zoetigheid, maar een hond niet. Houd je chocolaatjes dan ook preventief buiten het bereik van huisdieren, zodat je met z’n allen een vrolijk Pasen kunt vieren.


Essays
Educatie


Deze website is gearchiveerd door de KB, nationale bibliotheek.

© J.M. van der Veer   •   jmvdveer@algol68genie.nl